P2 - Wegen en Water
De programmabegroting bestaat uit 9 programma's. In dit programma leest u welke extra inspanningen het college in 2027 voorstelt op het gebied van wegen en water. Hieronder beschrijven we wat we willen bereiken en wat we hiervoor gaan doen. De reguliere taken staan niet beschreven in de programma's.
Doelen en Activiteiten
|
P2.1 – Verkeer en mobiliteit |
Het openbaar vervoer (OV) is erg belangrijk voor Opmeer maar een verantwoordelijkheid van de provincie Noord-Holland. We zien dat er een verschraling heeft plaatsgevonden in het aanbod en het aantal dienstregelingsuren van de bussen, dit heeft directe gevolgen voor onze inwoners die soms afhankelijk zijn van het OV. Daarom spannen wij ons actief bij de provincie in om het openbaar vervoer wat er is te behouden en waar mogelijk uit te breiden. Zo willen we samen met ondernemers een tijdelijke pilot starten met een (buurt)bus naar bedrijventerrein de Veken. Als de pilot succesvol is en heeft aangetoond dat er voldoende vervoerswaarde ontstaat, dan zal in overleg met de provincie worden bekeken of deze lijn onderdeel kan gaan uitmaken van de lopende concessie.
We werken aan de ambitie om de randweg Hoogwoud-Oost, van de Oosterboekelweg naar bedrijventerrein De Veken, mogelijk te maken. Dit zorgt voor een ontlasting van de Herenweg-Middenweg. Hierdoor wordt de bereikbaarheid verbeterd en neemt de verkeersveiligheid in de kern toe.
Het vergroten van de verkeersveiligheid van de meest kwetsbare verkeersdeelnemers zoals voetgangers, fietsers en schoolgaande jeugd is voor ons een prioriteit. Daarom willen we overal binnen de bebouwde kom maximaal 30 km/u invoeren en zetten we in op geclusterd parkeren in nieuwe woonwijken. We kijken kritisch naar de verlichting van onze wegen en zorgen voor meer bewustwording door regelmatig bewustwordingscampagnes uit te voeren. We brengen schoolroutes in kaart en markeren deze zichtbaar als een schoolroute. Zo kunnen automobilisten hun rijgedrag hierop aanpassen. We inventariseren knelpunten die de verkeersveiligheid negatief beïnvloeden op schoolroutes en stellen een plan van aanpak op om deze snel op te lossen zodat de verkeersveiligheid toeneemt.
|
P2.2 Openbare ruimte |
Bij alle ontwikkelingen in de openbare ruimte staat het welzijn van onze inwoners voorop, en nemen wij ‘positieve gezondheid’ als uitgangspunt. Dit is een bredere kijk op hoe onze openbare ruimte kan bijdragen aan de gezondheid van onze inwoners. Wanneer we een gebied ontwikkelen, kijken we dus niet alleen naar de feitelijke fysieke ontwikkeling, maar ook hoe dit bijdraagt aan de zes dimensies van positieve gezondheid. Onze inwoners zijn fit, veerkrachtig, ervaren zingeving, doen mee in de samenleving, kunnen zich goed verplaatsen en ervaren een hoge kwaliteit van leven. Deze zes dimensies worden meegenomen in de architectuur van de gebouwen, de inrichting en de leefomgeving daaromheen. Hieronder zijn de zes dimensies vertaald naar wat dit betekent voor de fysieke leefomgeving.
Op plekken waar veel mensen samenkomen worden watertappunten geplaatst. Mensen die in het centrum van Opmeer/Spanbroek zijn moeten altijd naar het toilet kunnen gaan als dat nodig is. We gaan daarom met (horeca)ondernemers in gesprek over de mogelijkheden. Als de mogelijkheid kan worden geboden is het zaak daar goed over te communiceren via de media en het zichtbaar te maken bij de gevels van de betreffende ondernemers.
De openbare ruimte is er niet alleen voor mensen, maar ook voor dieren. De vraag naar een losloopgebied voor honden is groot. Daarom onderzoeken we of er een nieuw losloopgebied voor honden kan worden gerealiseerd op een plek waar dat niet conflicteert met andere gebruikers.
|
P2.3 – Leefbaarheid en voorzieningen |
Voor de leefbaarheid doen we meer dan alleen maar woningen bouwen. Elke kern van Opmeer dient een basisniveau aan voorzieningen te hebben. Wat dit niveau is, verschilt per kern. In de grotere kernen houden we de basisvoorzieningen actief op peil, in de kleinere kernen nemen we een faciliterende houding aan. Dit betekent niet dat kleinere kernen niet onze aandacht hebben. Voor iedere dorpskern wordt een dorpsagenda opgesteld in samenwerking met inwoners en dorpsraden. Een dorpsagenda laat concreet zien wat nodig is om van het dorp een fijne leefomgeving te maken. Zo’n agenda bevat bijvoorbeeld een wandelpad of andere maatregelen in de openbare ruimte die binnen 2 tot 5 jaar kunnen worden uitgevoerd.
De eerste stappen voor de herinrichting van het dorpscentrum Spanbroek/Opmeer zijn gezet. Het centrum wordt flink opgewaardeerd. Dit moet ervoor zorgen dat het een plek blijft waar iedereen graag komt en waar het goed ondernemen is met voldoende aanbod van winkels en horeca. De combinatie met wonen maakt het centrum ook een levendige plek na sluitingstijd van de winkels. We streven ernaar het centrum zoveel mogelijk autovrij in te richten zodat de verkeersveiligheid toeneemt en het karakter van een verblijfsgebied wordt versterkt.
Verplichte indicatoren vanuit de BBV (Besluit Begroting en Verantwoording)
| Naam indicator | Eenheid | Waarde Opmeer | Gem. waarde gemeenten<25.000 inw. | Bron |
|---|---|---|---|---|
|
Laadpalen |
st |
33 |
39 |
NAL |